Dit thema werd gedaan voor de leerlingen van het eerste, tweede, derde, vierde, vijfde en zesde leerjaar.
Hier dachten we na over de volgende vragen:
- Denk je anders als je in bed ligt?
- Kan je gedachten dromen?
- Kan je in een droom nadenken?
- Kan je overdag dromen?
- Wanneer zit jouw hoofd vol gedachten?
- Heeft je hoofd weleens zonder gedachten gezeten?
Enkele bedenkingen van' leerlingen:
bij vraag 1: 'Ja, als ik nachtmerries krijg.' 'Als je rust kun je beter nadenken. Als er veel lawaai is, lukt dit niet.'
bij vraag 2: 'Ja zeker, want gedachten zijn dromen.' 'Ja, als je denkt dan droom je een klein beetje.'
bij vraag 3: 'Ik denk nooit in een droom, omdat je dan niet wakker bent.' 'Ja, ik wel want dat is dromen!'
bij vraag 4: 'Ja, dat noemt men dagdromen, dat is dromen overdag als je naar iets kijkt.' 'Als je lang naar iets kijkt, begin je te dromen.'
bij vraag 5: 'Als ik naar muziek luister.' 'Als ik slaap want dan zijn er filmpjes in mijn hersenen en dan denk je na over die beelden.' 'Mijn mama zegt dat soms als ik iets vraag.'
bij vraag 6: 'Nee, want ik heb altijd veel aan mijn hoofd.' 'Volgens mij kan dit niet.'
De leerlingen gaan dan ook telkens in discussie met elkaar op een respectvolle manier. Hierdoor kunnen sommige argumenten nog duidelijker worden voor sommigen maar soms kan het ook anders uitdraaien. Dan ontstaat er twijfel en tenslotte een wijziging in eigen argumenten.
Hebt u zelf argumenten om één van deze vragen te duiden? (Misschien materiaal dat we dan kunnen gebruiken voor een volgende filosofieles rond dromen en gedachten.) Noteer het gerust hieronder.
Weet: JE KUNT GEEN FOUTEN MAKEN. AL WAT JE DENKT IS GOED!!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten