"Ik blaas in mijn handen en
vraag me af: wie ben jij? En niet alleen: wie ben jij, maar ook: wat ben jij?"
Ik wou dat ik jou was
Ik niet zo stoer maar een zacht ei was
ik niet zo super maar loodvrij was
Gewoon een dag niet mezelf was
en jij was dan wie ik was
Veldhuis en Kemper